8. De kleuter

Neem de waaromvragen van kleuters bloedserieus tot je weet waarom je doet wat je doet.

“Als baby hebben we gevoeld hoe belangrijk verbinding is, als peuter hebben we onze eigen vrije wil ontdekt. In de kleutertijd vragen we ons af hoe dat eigenlijk samengaat. We hebben nu veel fantasie en spelen graag. Vadertje en moedertje, brandweer en dokter, bakker, boer, juf of meester. Zo spelen we met wie we zijn, wat goed voelt, wat we leuk vinden en waar we goed in zijn. Sommige spelletjes spelen we steeds maar weer, met kleine veranderingen, omdat we merken dat het beter of anders kan. We spelen en fantaseren door tot het klopt voor ons gevoel. We ontdekken zo de spelregels van het leven. Wat werkt en wat niet? Als ik de babypop buiten bloot laat liggen in de regen, dan gaat ie huilen. Hij wil kleertjes aan en door ons opgewarmd worden. We leren zoveel door te spelen! Nieuwe dingen, bijzondere dingen. Hoe het is om te vliegen, hoe een fiets werkt, waarom er piramides zijn. We spelen ook na wat we jullie zien doen en voelen dan hoe dat is. Sommige dingen die jullie heel gewoon vinden voelen voor ons vreemd. Hele dagen weggaan om ‘centjes te verdienen’, kippen opsluiten voor de eieren, drie postbodes die brieven komen brengen. We stellen jullie er waaromvragen over. We vragen door tot je een goed antwoord hebt of tot er geen antwoorden meer zijn. Ook dat is een antwoord. Zo laten we jullie nadenken over waarom je doet wat je doet, of dat goed is of dat het anders kan. Waarom, waarom en nog eens waarom? Dat doen we ook op de kleuterschool. Juf zegt: Jannes, zit stil. Waarom? Je moet aan tafel blijven zitten om dingen te leren. Waarom, ik kan toch ook dingen leren als ik van tafel ga? Ja, maar we gaan nu dít leren (boekje, opdracht, plan). Waarom gaan we nu dít leren? De kleuterjuf (boos): omdat ik het zeg! Oeps! Waaromvragen zijn geweldig! Als je erachter komt je dingen doet die niet kloppen, fantaseer dan iets beters! Ga door tot het klopt en goed voelt.

Papa, mama, grote mensen, willen jullie jezelf en elkaar waaromvragen stellen bij de dingen die je nu doet? … Willen jullie - samen - iets anders verzinnen als er geen goede reden is waarom je doet wat je doet? … Willen jullie met die nieuwe ideeën spelen, goed voelen of het klopt en die nieuwe ideeën bevragen tot het echt goed is? … Tot je voor je ziet hoe je leeft en werkt zoals het echt past bij jou, waardevol is voor anderen en iets moois oplevert voor de samenleving/wereld. Dan zijn we apetrots op je!”

Kleuters zijn zich meer bewust van zichzelf in relatie tot hun omgeving. Ze willen graag iets doen dat bij hun persoonlijke kwaliteiten en eigenschappen past én zinvol is in de omgeving waar ze leven. Ze willen dokter, bakker of boer(in) worden of bij de brandweer, ze willen vadertje en moedertje spelen, auto’s repareren, clown of archeoloog worden. De keuze van hun rol in het spel sluit aan bij de behoeften in het gezin (of groep) waar zij toe behoren. Er moet iets genezen of gevoed worden, ‘brandjes geblust’, er is een andere kwaliteit nodig in het vader- of moederschap, iets moet weer mobiel gemaakt worden, opgevrolijkt worden of uit het verleden worden onderzocht. Het helpt als wij naar onze kleuters luisteren en meespelen met die door kinderen aan den lijve gevoelde doelstelling. Dat we samenwerken, elkaar bevragen en oplossingen vinden die nieuw en verrassend zijn, die het oude of/of-denken overstijgen en een en/en/en- uitgangspunt hebben (het 123-perspectief). Kinderen hebben verlangens die hun leven zin geven. Als de inhoud klopt dan volgt de vorm en het geld daarna (zie ook punt 13). De waarde van de inhoud kun je checken met waaromvragen. Ricardo Semler, een vernieuwende ondernemer zegt: “Vraag driemaal achtereen waarom je dingen doet, als er dan nog steeds een goed antwoord op is, is het echt een goed idee. Natuurlijk kun je ook het 123-perspectief gebruiken om de waarde van je ideeën te checken.

Zo vol van verlangens, dromen, oneindige mogelijkheden en boordevol nieuwsgierigheid komen de kinderen naar de kleuterschool waar ze vaak al met cognitieve leerstof te maken krijgen. Dat komt doorgaans te vroeg en ook de werkvormen zijn soms niet passend (te veel zitten, alleen werken). Het is bewezen dat de creativiteit van kinderen dramatisch zakt als ze naar school gaan. Kleuters willen spelen, fantaseren, onderzoeken, al doende met hun lijf leren: via hun eigen ervaringen (niet vanuit het denken) vormen ze zich hun conclusies en vergezichten. Zo leren kleuters. Dát soort leren behoren wij mogelijk te maken. Bouwen. Spelen. Verhalen luisteren. Kringspellen. Letters kleien, tekenen en inkleuren. Buiten een tuintje onderhouden. Een creatief project etc. Als we de waaromvragen van kleuters niet serieus nemen, dan verschralen ze. Hun creatieve denken gaat dood. Maar ook ons eigen leven en de samenleving wordt dan op een foute grondslag gebouwd.

Het volwassen denken kan star en eenzijdig zijn. Op basis van onze kinderervaringen denken we in bepaalde patronen en kringetjes, we hebben foutieve verwachtingen, kunnen maar moeizaam nieuwe mogelijkheden zien buiten de oude kaders. Kleuters maken ons vrij en creatief. Zij kijken voorbij de horizon, zien het leven als een zoektocht met een zinvolle levenstaak en nodigen ons uit hetzelfde te doen.

Wetenschap en spiritualiteit zijn onderwerpen die bij de kleuters passen. Kleuters willen doorgronden en vragen door. Wetenschap en spiritualiteit zijn twee manieren van mensen om tot waardevolle antwoorden te komen, deze disciplines bestrijden elkaar regelmatig terwijl ze elkaar goed aan kunnen vullen.

Spiritualiteit/religie geeft zin en waarde aan het leven, het verbindt mensen met elkaar voor een groter doel dan zij zelf. Spiritualiteit kan ook de weg kwijt zijn: als we elkaar bevechten op de waarheid of weg van het aardse leven in onze eigen bubbel zweven. Religie of spiritualiteit mag ons inspireren om datgene dat diep in ons hart zijn anker heeft, hier op aarde vorm te geven.

Wetenschappers onderzoeken de wereld, zo leren we hoe dingen in elkaar steken. We weten nu dat er klimaatopwarming en een stikstof- en CO2-crisis zijn ook al zijn die onzichtbaar. Dat is mooi, dan kunnen we oplossingen zoeken hoe we goede, duurzame 123-perspectief het beste kunnen dienen, daar is nog veel te onderzoeken! Dat vraagt om wetenschap die open staat, maatschappelijk relevant en nieuwsgierig is, die grote vragen durft stellen, buiten de kaders kan kijken en die vooral ook durft niet-te-weten. Als de wetenschap kil is en uitsluit, zich laat leiden door correlatie- of gesponsord onderzoek, goochelt met uitkomsten en doet alsof de wetenschap het enige antwoord is voor veelzijdige en gecompliceerde levensvraagstukken dan is ze de weg kwijt, dan verzandt het in beperkt denken. We kunnen problemen niet oplossen met hetzelfde denken dat het heeft veroorzaakt.

Transformatie vindt plaats met openheid, met de input van meerdere gezichtspunten (om recht te doen aan het 123-perspectief) en het loslaten van oude, beperkende denkwijzen en zekerheden. Wetenschap en spiritualiteit naderen elkaar met bijvoorbeeld het besef dat alles energie in zich draagt waardoor ‘dingen’ veel veranderlijker zijn dan we dachten (ook onze hersenen en ons DNA). De kwantumfysica leert ons dat de kleinste eenheden tegelijkertijd materie én een energiegolfje zijn en de observator bepaalt wat er aangetroffen wordt, dat onze intentie verschil maakt voor de uitkomst. We leren dat systemen op elkaar ingrijpen, dat alles en iedereen met elkaar verbonden is. We leren over spiegelen, waarbij we als het ware volcontinu op een zoekmachine van het wereldwijde web zijn aangesloten en telkens (mensen, situaties) ontmoeten die we onbewust aantrekken om van te leren. Dat is de spirit van een kleuter en diep in ons hart die van elk mens, los van onze persoonlijke voorkeur voor spiritualiteit of wetenschap.

Conclusie: Doe wat bij jou past en wat je het liefste doet, wees daarmee van betekenis voor anderen en een groter geheel. Dat is vrijheid in verbinding.

Het 123-perspectieven in de kleutertijd: als jij vanuit je diepere drijfveren leeft (1), inspireer je kleuters in hun fantasie, spel en vragen (2), daarmee komen we op een volgend level in het levensspel en vinden we nieuwe antwoorden en oplossingen (3).

Waar spiritualiteit (1) en wetenschap (2) elkaar ontmoeten, ontstaan bruikbare inzichten voor bijv. een nieuwe samenleving (3).

Aanbevelingen:

  • Laat kleuters spelenderwijs, onderzoekend en lijfelijk spelend leren. Stimuleer hun creativiteit.
  • Wees een inspirerend rolmodel met wie ze zich graag willen identificeren. Dit ben je door te onderzoeken wat jij met jouw unieke mogelijkheden en talenten wilt doen in verbinding tot anderen en ten dienste van het grote geheel.
  • Voed de fantasie van de kleuter met verhalen met een moraal, een waarheid of waarde.
  • Stop het testen en toetsen van kleuters. Vertrouw op de deskundigheid van de kleuterleiders.
  • Kleuterleiders zijn deskundig op het gebied van (de ontwikkeling van) het jonge kind, spel en spelend leren. We zorgen ervoor dat ze óók weten dat kinderen hun ouders én hen zelf spiegelen in het geval van bijv. niet tot spelen komen, afgeleid zijn, niet stil kunnen zitten, moeite met identificatie, dromerigheid, niet willen leren, te speels zijn, niet samen kunnen spelen, een ontwikkelingsachterstand enz. zodat zij dan kunnen verwijzen naar een spiegelexpert.
  • Kleuterleiders nemen de signalen van kinderen serieus en onderzoeken zichzelf en het door hen gegeven onderwijs op oude gewoontes, patronen en persoonlijke pijn.
  • Achterstanden bij kinderen worden spelenderwijs aangepakt. We zorgen voor voldoende hulp om dat uit te voeren (kindercoaches bijvoorbeeld).
  • Als ouder of opvoeder van kleuters: durf jezelf en je leven te onderzoeken, durf door te vragen. Speel met en fantaseer over plannen die de drie keer ja-toets doorstaan.
  • Breng de wetenschap terug bij zijn roots. Stop de commercialisering van de wetenschap en de druk op wetenschappers om te moeten publiceren. Laat de wetenschap zijn waardevolle inbreng hebben voor oplossingen waar mens, dier en aarde om schreeuwen en zorg dat die vrij beschikbaar zijn (zie ook punt 14).
  • Herwaardeer de waarde van spiritualiteit, van iets dat ons overstijgt: dat hoeft niet per sé God te zijn. Het kan ook de natuur zijn, een breder dienend doel, leven vanuit liefde, een connectie met Het Veld, het universum. Iets dat groter is dan ikke, ikke, ikke.